De anatomie

Anatomie van het

enkelgewricht

Het enkelgewricht wordt gevormd door drie botten: het scheenbeen (tibia), het kuitbeen (fibula) en het sprongbeen (talus). Het scheenbeen is het grootste en sterkste bot van het onderbeen. Het kuitbeen is kleiner en smaller en zit aan de buitenzijde van de enkel. Het enkelgewricht is een hefboomgewricht, waardoor de voet omhoog en naar beneden kan buigen. Door deze beweging kunnen we goed lopen en makkelijk een trap op en af. Mensen met klachten van het enkelgewricht geven vaak pijn aan of een onstabiel of onzeker gevoel bij het traplopen, maar soms ook bij het gewone lopen.

Rondom het enkelgewricht zitten sterke banden, de ligamenten, die het enkelgewricht stabiel maken. Het sprongbeen (talus) rust op het hielbeen (calcaneus). Het gewricht dat gevormd wordt tussen deze twee botten heet het onderste spronggewricht, het subtalaire gewricht. Dit gewricht zorgt ervoor dat de enkel naar buiten en binnen kan kantelen. Deze beweging is bijvoorbeeld nodig als er op een oneffen terrein wordt gelopen.

Kijkoperatie van de enkel

De naam kijkoperatie is soms wat misleidend. Wij noemen het een kijkoperatie omdat er door middel van een camera en een beeldscherm wordt geopereerd. Maar het is niet alleen kijken, er wordt ook iets gedaan! In het Engels wordt de kijkoperatie ‘keyhole surgery’ genoemd, wat de lading van de operatie beter dekt. Bij de enkel maken we gebruik van een kijker (de arthroscoop) en speciale instrumenten. Hierdoor kan de operatie door twee kleine gaatjes van vaak minder dan 1 centimeter worden uitgevoerd.

Een kijkoperatie kan aan de voorzijde of aan de achterzijde van de enkel plaatsvinden, maar ook via de zijkant van de enkel, voor het onderste spronggewricht. De operatieduur is een beetje afhankelijk van wat er precies moet gebeuren en kan variëren van 15 minuten tot meer dan een uur. Voor de operatie is een goede verdoving nodig, en deze bestaat meestal uit een ruggenprik of een algemene narcose.

Kijkoperatie aan de voorzijde van de enkel

De anterieure enkel arthroscopie

Er zijn verschillende klachten die door middel van een kijkoperatie worden behandeld. Er worden twee kleine sneetjes van ongeveer een halve centimeter aan de voorzijde van de enkel gemaakt. Vooral het sneetje aan de buitenzijde kan na de operatie pijnklachten opleveren.

Dit komt omdat vlak bij deze snee een oppervlakkige huidzenuw ligt. Het probleem is dat de huidzenuw die daar ligt bij iedereen net een beetje anders loopt. Soms voelt de huid rondom de snee na de operatie hierdoor een beetje doof aan.

Tijdens de operatie wordt er vocht in het gewricht gepompt. Hierdoor ontstaat er wat meer ruimte en kan de operatie veilig worden uitgevoerd. Het betekent natuurlijk wel dat de enkel na de operatie dik is, dit kan lange tijd aanhouden en is niet verontrustend.

Kijkoperatie via de achterzijde van de enkel

De posterieure enkel arthroscopie

Via de kijkoperatie techniek kunnen verschillende operaties uitgevoerd worden, zoals:

  • Verwijderen van een los botfragment aan de achterzijde van de enkel.

  • Bijslijpen van het uitsteeksel van het sprongbeen, hierdoor kan de beweeglijkheid van het enkelgewricht verbeteren.

  • Verwijderen van littekenweefsel of verkalkingen.

  • Losmaken van de grote lange teenbuiger.

Natuurlijk kan zowel het onderste als het bovenste spronggewricht worden beoordeeld. Om de operatie te kunnen uitvoeren ligt u op uw buik en is een algemene verdoving of een ruggenprik nodig.

De sneetjes van ongeveer 5 mm worden net naast de achillespees gemaakt. Via het ene sneetje wordt de camera naar binnengebracht en via het andere sneetje de instrumenten. Nu kan via een scherm de operatie worden uitgevoerd. Vaak wordt gebruik gemaakt van verschillende instrumenten.

Bij de operatie aan de achterzijde van de enkel moet er altijd eerst weefsel worden verwijderd, omdat de operatie niet direct in het gewricht begint. Het meeste wordt gedaan aan de achterzijde van het bovenste spronggewricht. Natuurlijk wordt ook het enkelgewricht bekeken en zo nodig schoongemaakt. Omdat er meer weefsel verwijderd zal moeten worden in vergelijking met bijvoorbeeld een kijkoperatie van de voorzijde van de enkel of van de knie, is de enkel na de operatie nog lang dik. Het kan prettig zijn om compressie kousen te gebruiken.

Kijkoperatie via de zijkant van de enkel

Sinus tarsi scopie

Via de buitenzijkant van de enkel is het mogelijk om een groot deel van het onderste spronggewricht, tussen het hielbeen en het sprongbeen, te beoordelen. Via deze toegang kunnen verschillende operaties uitgevoerd worden, zoals het verwijderen van een botfragment, littekenweefsel of het opboren van een cyste. De sneetjes zijn meestal ongeveer 3 mm.

Vaak komt een combinatie van bovenstaande ingrepen voor

Na de operatie

Na de operatie wordt een stevig drukverband aangelegd. Met dit drukverband en een loopzool is de enkel over het algemeen direct belastbaar. De krukken dienen dan ook ter ondersteuning voor de pijn. Het is belangrijk de voet en het been wel te belasten. Dit betekent dat u afhankelijk van hoe pijnlijk het is er gewoon op mag staan.

Na 5 dagen mag u het drukverband zelf verwijderen en mag u uw gewone schoen weer aan. U krijgt afhankelijk van de ingreep een brace mee, meestal zal dit een zachte brace zijn. Het is de bedoeling dat u deze brace de eerste 4 weken na de ingreep zoveel mogelijk gaat gebruiken (niet in de nacht). Het helpt onder andere tegen de zwelling. Na de 4 weken hangt het van de zwelling af of het nog handig is de brace te gebruiken. De hechtingen zijn zelf oplosbaar. Meestal laten de hechtingen los na 14 dagen. Is dit niet het geval, dan is het aan te raden deze te laten verwijderen bij uw huisarts.

Na de 5e dag is het verstandig om met de fysiotherapeut te gaan oefenen zodat de beweging van de enkel snel weer op gang komt. Bij het oefenen is het belangrijk dat de op en neer beweging, de balans en de kracht van de enkel en de voet weer herstelt. Ook zal de fysiotherapeut erop letten dat u weer normaal gaat lopen. De fysiotherapeut helpt tevens om de enkel goed los te maken en zal verschillende rekoefeningen met u doen.

Probeer na de operatie regelmatig de enkel te bewegen en elk uur (niet in de nacht) een paar passen te lopen, zo voorkomt u dat de enkel stijf wordt. Bij rusten legt u uw been bij voorkeur op een kussen. Ook in de nacht is het goed het voeteneinde wat hoger te zetten/leggen. Dit kan ook door een kussentje onder het matras neer te leggen.

De grote uitzondering:

Het kraakbeendefect

Tijdens de operatie wordt het losse kraakbeen/botfragment verwijderd en wordt het defect opgeboord. Dit wordt gedaan zodat er weer een nieuw laagje kraakbeen kan groeien. In dit geval zal geadviseerd worden om 6 weken met krukken te lopen. Als dit op u van toepassing is, zal dit besproken worden op de polikliniek.

Risico’s

De meest voorkomende

risico’s van de operatie

Gelukkig zijn de risico's van de kijkoperatie klein, maar natuurlijk wel aanwezig. Er is altijd een risico op een infectie, dit betekent dat er een bacterie in de enkel terecht kan komen. Als dit optreedt, dan moet de enkel opnieuw worden geopereerd en is vaak behandeling met antibiotica nodig. Het risico op infectie ligt zo rond de 0,01-0,5%.

Daarnaast bestaat het risico op een trombosebeen, dit betekent dat er in een bloedvat een bloedstolsel ontstaat. Als dit optreedt, is hiervoor gerichte behandeling, vaak met een bloedverdunner, noodzakelijk. We weten dat het belangrijk is snel na de operatie te gaan bewegen, ook vooral de enkel, hierdoor wordt de 'kuitpomp' gestimuleerd en is er minder kans op een stolsel.

Ook kan een zenuwtakje geraakt worden die aan de voorzijde van de enkel loopt of een takje die aan de achterzijde van de enkel loopt. Deze zenuw loopt bij iedereen net een beetje anders en daardoor wordt deze af en toe geraakt. Dit geeft geen zenuwpijn, maar met name doofheid rond de wond. Afhankelijk van de klachten kan dat behandeld worden.

Verklevingen kunnen optreden als er veel littekenweefsel in de enkel ontstaat, waardoor de enkel stijf kan worden. Daarom is snel oefenen erg belangrijk.

Verder kan er een complex regionaal pijnsyndroom (CRPS) optreden na de ingreep. Bij wie dat optreedt en waarom dit optreedt, is onbekend. De kans hierop is echter zeer klein, veel minder dan 1%.

Veel gestelde vragen

  • Na de operatie mag u direct belasten op geleide van de pijn (natuurlijk zijn hierop uitzonderingen, maar dit zal u dan nadrukkelijk worden verteld). U krijgt wel een drukverband om en gebruikt een platte loopzool. Dit betekent dat u de krukken gebruikt vanwege de pijn. Als de pijn meevalt, mag u ook zonder krukken lopen. Het is wel belangrijk om de voet goed af te wikkelen; soms is het daarom prettig om toch wat langer de krukken te gebruiken. 85% van de mensen kan binnen 4 weken zonder krukken lopen.

  • Het verband mag niet nat worden, dus de eerste dagen is het verstandig een douchezak te gebruiken. Na het verwijderen van het drukverband mag u weer douchen, doe dit echter niet te lang! Het is wenselijk dat de wondjes niet week worden, dus ga de eerste weken na de operatie nog niet in bad of zwemmen.

  • Zolang u op krukken loopt, is het onveilig om auto te rijden. Als u aan uw linkervoet geopereerd wordt en u rijdt in een automaat, mag u zodra u mobiel bent wel weer autorijden. Anders moet u er vanuit gaan dat u 4 weken niet in staat bent om zelf te rijden.

    Bij het fietsen zit het gevaar in het afstappen. Indien de voet pijnlijk is, dan is afstappen ook pijnlijk en is de kans dat u ten val komt groter. U kunt weer veilig gaan fietsen als u goed op uw voet kan staan en zonder krukken kunt lopen. Ga ervan uit dat u de eerste 4 weken niet kunt fietsen.

  • Gezien de verhoogde kans op een trombosebeen wordt geadviseerd om de eerste 4-6 weken na de operatie niet te gaan vliegen.

  • Pijn is voor iedereen verschillend en daarom is het een moeilijk te beantwoorden vraag. U moet ervan uitgaan dat de enkel de eerste weken pijn doet. U krijgt pijnstilling voorgeschreven. Met deze pijnstilling is het over het algemeen goed te doen. De pijn verschilt erg van persoon tot persoon. Veel mensen geven aan dat de pijn tijdelijk erger wordt na 1 week, vaak nadat het verband eraf is. Het verband geeft wat steun en voorkomt ook dat u de voet helemaal spitst. Het kan voorkomen dat u na het verwijderen van het verband meer pijn heeft in de nacht. In een ontspannen toestand staat de voet in spits, dat verkleint de ruimte achter in de enkel. Dit geeft meer druk tegen de zenuw en kan meer pijnklachten geven.

    Na de operatie krijgt u een pijnblokkade in de enkel, deze kan 48 uur aanhouden. Dit kan wat langere tijd nog enige doofheid en tintelingen geven.

  • Een kijkoperatie is een relatief veilige operatie. Helaas betekent dit niet dat het altijd goed gaat. De kans op complicaties is zeer klein, minder dan 1%, maar wel aanwezig. Als er een complicatie optreedt, zoals een infectie, dan zal de hersteltijd veel langer zijn, ook beïnvloedt dit de uitkomst van de operatie. Ook is er een risico op doofheid van de voet rondom de insteekopeningen en bestaat er een kans op het ontwikkelen van complex regionaal pijnsyndroom.

  • De eerste periode na de operatie draagt u geen steunzooltjes. 3 maanden na de operatie kunt u eventueel nieuwe zooltjes laten maken.

Voorbereiding voor de operatie

U moet krukken meenemen op de dag van de operatie!

Zorg ervoor dat u het volgende in huis heeft:

  • Paracetamol: U krijgt het advies de eerste periode na de operatie 6-8 tabletten per dag in te nemen (mits er geen contra-indicaties voor het gebruik van paracetamol zijn).

  • Cool pack (ijszak): Regelmatig koelen vermindert de zwelling en helpt pijnstillend.

  • Pleisters: Als het drukverband eraf is, kan het prettig zijn om de hechtingen af te dekken (dit is niet noodzakelijk). Zorg ervoor dat u de pleisters regelmatig vervangt en geef de wondjes ook genoeg tijd zonder pleisters.

Previous
Previous

Het Sinus Tarsi Syndroom

Next
Next

Morton's Neuroom